Hoe kan iemand nou zóiets doen?

De afgelopen weken is er weer een aantal misbruikzaken in het nieuws geweest, en steeds wordt er geroepen “Hoe kan iemand nou zóiets doen?” Dat is een begrijpelijke, menselijke reactie, maar ergens gaat er iets mis als die roep in de media verspreid wordt. Want wij, professionals, weten hoe dit soort dingen werken, en eigenlijk denk ik dat de vraag “Hoe kan iemand zoiets doen” niet de juiste vraag is.
Lees verder

De ongemakkelijke waarheid achter “wat als” vragen

“Wat als”-vragen zijn een belangrijk onderdeel van leren weerbaarder te worden. Ze betekenen dat je zelf gaat nadenken over hoe situaties ontstaan en wat je kunt doen om er weer uit te komen.

Maar soms leiden ze de aandacht juist af van het echte probleem. Daarom is het belangrijk ze op de juiste manier te gebruiken.
Lees verder

De connectie tussen oplichting en geweld tegen vrouwen

De belangrijkste pijler van zelfverdediging is preventie. Je wil liever voorkomen dat nare dingen gebeuren, dan dat je er mee om moet gaan. Daarvoor is het belangrijk om te leren herkennen wanneer nare dingen gaan gebeuren.

Dat ligt niet altijd voor de hand, want daders maken je het natuurlijk zo moeilijk mogelijk om te herkennen waar ze me bezig zijn. Geweld tegen vrouwen heeft daarom vaak meer gemeen met oplichterij dan met een brute aanval.
Lees verder

Stress en zelfverdediging

De HagedisÉén van de redenen die ik vaak hoor om níet aan zelfverdediging te beginnen, is dat je je bij zelfverdediging meer bewust wordt van de gevaren die er zijn. Maar ik denk dat je van zelfverdediging juist mínder bang wordt. En dat je er rustiger van wordt. Zou je dat dan ook niet kunnen inzetten voor de stress in je dagelijks leven?
Lees verder

Ingrijpen!?

Onlangs was de Week tegen Kindermishandeling. En een veelgehoorde verzuchting was: “Had er maar iemand ingegrepen.” Gevolgd door de oproep, bijvoorbeeld door Minister de Jonge, om vermoedens van kindermishandeling altijd te melden.

Maar is het zo simpel? Zijn wij dan allemaal egoïsten die niet op onze medemens letten en niet willen weten wat voor ellende er gebeurt? Natuurlijk niet. Daarom is het belangrijk te begrijpen wat “ingrijpen” op wat voor manier dan ook betekent, en waar de obstakels zitten.
Lees verder

Zelfverdediging is geen vechtsport

BoksenZelfverdediging wordt vaak gelijk gesteld aan vechtsport, en vechtsport wordt ook vaak aangeboden als basis voor zelfverdediging. Maar ik denk dat het belangrijk is om de grootste verschillen te benoemen en te begrijpen. Want in bepaalde opzichten is zelfverdediging zeker geen vechtsport, en is vechtsport geen geschikte voorbereiding voor zelfverdediging.
Lees verder

Als je Boeddha tegenkomt: dood hem

Schrik niet, dit is geen boze post over het boeddhisme. De spreuk komt zelfs uit het boeddhisme zelf. Afgelopen jaar is keer op keer weer gebleken dat deze spreuk extreem belangrijk is voor zelfverdediging. En eigenlijk voor onze hele maatschappij.

Een jaar van misbruikschandalen

Het was een jaar van seksueel misbruikschandalen. Het Amerikaanse turn-team dat massaal is misbruikt door een van de trainers. Nederlandse sporters die werden misbruikt door hun trainers en anderen. Nederlandse vrouwen die naar “tantra masseurs” gingen, werden misbruikt. De doorlopende misbruikproblemen binnen de christelijke kerk. Het wijdverbreide misbruik in Hollywood. En ook binnen het boeddhisme zelf blijken dezelfde praktijken voor te komen.

Natuurlijk is elke zaak anders en zijn er veel verschillen. Maar er is één belangrijke rode draad die door al deze zaken loopt. Met name in de sport is dit duidelijk te zien. De slachtoffers zijn atleten. Ze zijn niet bepaald zwak. Wil je hard leren schoppen? Ga op voetbal. Toch zijn ook vele jonge voetballers slachtoffer geworden. Er zijn zelfs karateka en judoka onder de slachtoffers. Die mensen zijn toch niet te zwak om zichzelf te verdedigen?

Dit is een van de pijnlijkste aspecten van zelfverdediging: het gaat meestal niet over fysieke kracht. Seksueel geweld wordt vaak gepleegd op basis van macht, en die macht hoeft niet fysiek te zijn. Een belangrijk punt dat al deze zaken met elkaar gemeen hebben, is het soort relatie tussen de dader en het slachtoffer.

Die relatie is namelijk een relatie van autoriteit. In veel gevallen is die autoriteit leraar-leerling. De leraar heeft meer autoriteit omdat hij les aan het geven is: hij is aan het uitleggen hoe het werkt en hoe het moet.

Daarnaast is er soms een autoriteit van rollen en titels. De dader heeft een bepaalde rang in het systeem, als trainer, als expert, met diploma’s of medailles en een functietitel als “manager”, “trainer”, “coach”.

In de martial arts is dat vaak nog duidelijker. Dat is ook een van de grootste problemen met vechtsporten als basis voor zelfverdediging. We leren mensen te buigen voor hun leraar en voor andere leerlingen met een andere kleur band.

In religieuze settings heb je dan nog het probleem dat de priester of andere vertegenwoordiger van de religie “de waarheid” zou hebben; over het leven, de wereld, het heelal, wat dan ook.

In al deze relaties staat het slachtoffer dus al met 10-0 achter omdat hij of zij niet op zichzelf kan vertrouwen, maar geacht wordt te vertrouwen op iemand die hoger in positie is.

Als je Boeddha tegenkomt: dood hem

En dat is waar deze spreuk in het spel komt. Als je Boeddha tegenkomt, dan betekent dat dat je iemand anders autoriteit geeft. Je beschouwt die ander als iets hogers, beters, slimmers, wijzers dan jezelf. Terwijl: volgens het boeddhisme kan iedereen boeddha worden. Iedereen kan de beste versie van zichzelf worden.

Als je iemand anders als “Boeddha” ziet, dan heeft diegene dus eigenlijk de plek ingenomen van wat jij kan worden. Dan kun jij nooit meer de beste versie van jezelf worden. En dat is dus niet wat het boeddhisme wil. Dat je die andere boeddha moet doden, klinkt dan radicaal, maar het geeft alleen maar aan hoe belangrijk deze les is. Het betekent dat je niet verder komt zolang jij denkt dat die ander “de Boeddha” is.

Natuurlijk ga je niet die ander echt dood maken. Je doodt het beeld van die ander als Boeddha, in jezelf. Of het nou een trainer, leraar, baas, voorzitter, priester, andere leerling, of wie dan ook is. Zorg ervoor dat je ophoudt met andere mensen als hoger dan jij te zien. Niemand anders is de boeddha.

Respect en beleefdheid

Moeten we dan respect en beleefdheid de deur uitgooien? In de jaren ’60 en ’70 hebben we dat hard geprobeerd. Niemand meer met “u” aanspreken, zo weinig mogelijk beleefdheidsvormen gebruiken. Iedereen gelijk en dus hoef je tegen niemand meer beleefd te doen.

Of dat meer of minder ellende heeft opgeleverd, is moeilijk te zeggen. Ik denk wel dat het meer wrijving veroorzaakt. Als we allemaal onbeleefd tegen elkaar doen, dan veroorzaakt dat meer ruzies om niks, meer oponthoud, meer toestanden.

Ik denk dat onze kijk op beleefdheid en respect zou moeten veranderen. Dat we ze gaan zien als maatschappelijke smeerolie. En dat we ze dus gaan zien als iets om bewust in te zetten.

Bij de kassa in de supermarkt, bij het tankstation, in het restaurant ben ik beleefd, zodat mijn dag soepel verloopt. Niet omdat het moet. Niet omdat ik het geleerd heb. Niet omdat ik vind dat die ander een hoger, beter mens is dan ik. Maar gewoon omdat ik een leuke dag wil. Contact met andere mensen bepaalt voor een groot deel hoe we ons voelen, dus daar kun je makkelijk iets aan doen om je dag beter te maken.

Respect is weer anders. Ik respecteer de moeite die een ander gedaan heeft om iets te bereiken. Dat voorkomt dat ik die hele persoon als hoger zie dan mezelf. Iemand die ergens beter in is dan ik, is al langer onderweg op zijn of haar weg. Meer niet. Misschien is hij of zij eerder opgestaan, eerder weggegaan, of hebben ze meer of beter gereedschap meegekregen. Waarschijnlijk een combinatie.

Op die manier blijf je ook beseffen dat mensen die ergens nog niet zo goed in zijn als jij, gewoon nog meer tijd en oefening nodig hebben. Het geeft je dus een positievere instelling over jezelf en over mensen die nog niet zo ver zijn op hun weg.

Respect, beleefdheid en zelfverdediging

Door respect en beleefdheid uit de emotionele sfeer te halen, worden ze minder groot. Door ze bewust te maken, wordt het een eigen keuze. Dan wordt je minder angstig en geïntimideerd door de mensen met wie je in contact komt.

En dát is een belangrijke voorbereiding om jezelf te kunnen verdedigen. Als je kunt zien dat de trainer alleen maar gewoon een ander mens is, dan wordt het makkelijker om je eigen keuzes te blijven maken, te blijven kiezen voor wat goed is voor jóu.

Zodra je tegen iemand op gaat kijken, zodra je merkt dat je in je hoofd een beeld hebt van die persoon als groter, beter, slimmer, wijzer of sterker dan jij: maak dat beeld kapot. Als je Boeddha tegen komt: dood hem.

Je hoeft niet eerst te helen voor je verder kunt

Deze beker hoeft niet gelijmd te wordenIn de meeste cursussen die ik geef, zit minstens één deelnemer die ooit slachtoffer van huiselijk geweld, seksueel geweld of seksueel misbruik is geweest. Ik denk dat leren jezelf te verdedigen een belangrijk onderdeel is van je leven weer op de rit krijgen na zo’n verschrikkelijke ervaring.

Hoewel ik denk dat er bepaalde voorwaarden zijn voor je het meeste uit de cursus kunt halen, denk ik eigenlijk dat je er het best zo vroeg mogelijk mee kunt beginnen. Helaas beginnen mensen pas vaak heel laat aan zo’n cursus. Misschien denk je dat de lessen iets zijn om “later” te gaan gebruiken. Maar dat hoeft helemaal niet!
Lees verder

Zelfverdediging en gerechtigheid

Gerechtigheid - moet je een oordeel vellen? Illustratie: Quince MediaZelfverdediging en gerechtigheid – het lijkt zo’n logische combinatie. Je hebt het recht jezelf te verdedigen. Iemand anders heeft niet het recht over jouw grenzen heen te gaan. En als je jezelf in het ergste geval met fysiek geweld moet verdedigen, dan moet dat volgens de regels van het recht.

Toch is het in een aantal opzichten een valkuil om zelfverdediging met gerechtigheid te verbinden. Sterker nog: het idee van gerechtigheid kan je enorm in de weg staan.

Lees verder